Vrijheid is betrekkelijk

In 2014 bepleitte het Nationaal Comité om Bevrijdingsdag om te dopen in Dag van de Vrijheid. Uiteindelijk heeft het Nationaal Comité onder aanvoering van Jacques Wallage bakzeil moeten halen. En dat is maar goed ook: Bevrijdingsdag vieren we om te herdenken dat de Duitse bezetter capituleerde. Nederland was weer een vrij land, een zelfstandige natie, maar dat wil niet zeggen dat de Nederlanders vanaf dat moment in vrijheid konden leven. Wallage en co beseften blijkbaar niet dat vrijheid iets anders is dan bevrijd worden van een bezetter. Vrijheid kent namelijk vele definities waarvan het recht om vrij te zijn van slavernij, gevangenschap of overheersing van een despotische macht gegarandeerd door een grondwet er slechts één is. In de sociologie wordt vrijheid bijvoorbeeld gezien als de mogelijkheid om te doen en laten wat men wil zonder de vrijheid van een ander te beperken, zowel in lichamelijke als in geestelijke zin. Voor de lezers die geïnteresseerd zijn in filosofisch geneuzel heeft Wikipedia een redelijk beschouwende pagina. Libertariërs gaan altijd uit van individuele vrijheid en benoemen dat als soevereiniteit van het individu. Centrale vraag blijft of we vrij zijn in ons doen en denken.

“Vrijheid is betrekkelijk” verder lezen

Ik wijk voor niemand!

In 1787 stond mijn voorvader Arnold van Haeften met zijn schutters voor het stadhuis in Delft opgesteld om een groep orangisten uit Den Haag te stoppen. Diverse huizen van bekende patriotten werden geplunderd, waaronder dat van mijn bet-betovergrootvader, en in het sociëteitsgebouw van het patriottische exercitiegenootschap werd het servies met zinnebeeldige afbeeldingen van de vrijheid aan diggelen gegooid. Maar bij het stadhuis kon Arnold de ‘oranjeboven-schreewers’ en plunderaars stoppen.

“Ik wijk voor niemand!” verder lezen