Het is vijf voor twaalf geweest

Gisterenmiddag verkeerde ik in de gelukkige omstandigheid dat ik als chauffeur en pakezel mocht fungeren ten behoeve van de noodzakelijke wekelijkse aanvulling van onze levensmiddelen. Een absoluut hoogtepunt van de week waar ik me het liefst aan onttrek, zeker gezien het treurige karakter van het gemiddelde stadscentrum. Troosteloze stadscentra waar een te grote groep geïndividualiseerde burgers met bijbehorend gedragspatroon samenkomt. En gisteren werd ik dus onderdeel van een van de spreekwoordelijke incidenten ten gevolge van dit gedragspatroon. Watske beurt?

Net nadat ik mijn auto had geparkeerd en de noodzakelijke boodschappenkratten en tassen uit de achterbak pakte, ontspon zich voor mijn ogen de aanleiding tot de verdere klucht. Een jongeman, ca 25 jaren jong, laveerde al fietsend op de stoep door de voetgangersschare, zichzelf ruimte verschaffend door diezelfde voetgangers te schampen en met zijn lichaam zonder aanzien des persoon aan de kant te douwen. Een vrouw die hiervan blijkbaar niet gediend was, erg begrijpelijk, sprak deze fietsende hufter op zijn gedrag aan. In nette bewoordingen deelde ze hem mede dat het niet de bedoeling is dat mensen zich fietsend voortbewegen in een voetgangerszone. De politie die op dat moment langsreed was meer geïnteresseerd in foutparkeerders, die leveren immers een bijdrage aan de staatskas en staan goed op je curriculum vitae. Het incident in de kiem negeerden ze dan ook volledig. De aangesproken fietsende jongeman parkeerde ondertussen zijn fiets voor de supermarkt en kwam vervolgens als een dolle stier op de dame afrennen die het gedurfd had hem aan te spreken op zijn gedrag. Uiteindelijk stond hij wild gebarend vlak voor de vrouw en voegde daar enkele verwensingen aan haar adres aan toe. Zijn exacte bewoordingen zijn niet geschikt voor publicatie. In het kort kwam het erop neer dat hij zijn rechten kende, niet op plichten wenste te worden aangesproken en zeker niet door een vrouw en respect eiste.

Op dat moment besloot ik de achterbak van de auto te sluiten om de vrouw enige steun te bieden. Opvallend was dat onze Hermandad inmiddels in geen velden of wegen was te bekennen en het overig winkelend publiek zich snel uit de voeten maakte. Nadat ik me rustig had gepositioneerd tussen het opgewonden standje en de angstige dame, besloot ik de jongeman nogmaals duidelijk te maken dat hij op zijn gedrag was aangesproken, namelijk het fietsen in een voetgangerszone dat inderdaad not done is. Uiteraard heb ik hem ook een hoorcollege gegeven over respect, waarbij ik hem nadrukkelijk heb ingeprent dat je respect niet kunt eisen maar verdient op basis van je gedrag. Het heerschap was duidelijk niet gediend van mijn inmenging en de toon en volume veranderden al snel. Schreeuwend en tierend en vanuit zijn masculiene cultuur imponerend zwaaiend met gebalde vuisten vlak voor mijn gezicht, wist deze voor mij volstrekt onbekende meneer mij mede te delen dat ik een racist was. U leest het goed, het ‘gesprek’ kreeg een andere wending aangezien deze statushouder uit Eritrea de racismekaart trok. U als lezer van dit blog weet dat ik geen onderscheid maak tussen mensen op basis van sekse, huidskleur of religie, echter wel op basis van gedrag. Op rustige toon, zoals we dat gewend zijn in onze feminiene cultuur, heb ik het heerschap dat ook medegedeeld. Ondertussen zag ik de hoeders van onze veiligheid, u weet wel dat blauw op straat, nogmaals passeren in hun veilige autootje. Inmiddels had de vrouw die in eerste instantie werd belaagd zich in de veilige omgeving van de supermarkt begeven. Ik besloot dat goede voorbeeld te volgen aangezien ik wel klaar was met deze kansenparel.

Deze keer is de situatie niet verder geëscaleerd, hoewel ik moet zeggen dat ik niet voor mezelf had ingestaan als deze gast het had gepresteerd om mij aan te raken. De klucht was echter nog niet ten einde. De gast volgde mij de supermarkt in en bleef mij hinderlijk volgen en aanspreken in dreigende bewoordingen. Aangezien ik niet onder de indruk was en hem compleet negeerde, besloot hij na enkele minuten de supermarkt te verlaten, overigens zonder ingrijpen van het supermarktpersoneel. Let wel, het betreft hierbij een supermarkt waar we de afgelopen vijf jaren onze levensmiddelen wekelijks inslaan, hoewel ik daar niet altijd bij aanwezig ben. Tot mijn grote verbazing sprak de bedrijfsleider mij wel aan bij het verlaten van de winkel. Hij wist mij mede te delen dat mijn handelen erg onverstandig was en dat ik beter niet de confrontatie met deze mensen kon zoeken. Hoofdschuddend en zwaar beladen verliet ik de supermarkt, om eenmaal buiten tot de ontdekking te komen dat onze kansenparel nog steeds aanwezig was. Vanaf een veilige afstand nam hij een foto van mij, overigens al met zijn fiets aan de hand. Schreeuwend, hij moest wel gezien de veilige afstand, deelde hij mij mede dat hij mijn foto ging plaatsen op Facebook op de racistenpagina en dat hij naar de politie zou gaan om aangifte te doen wegens racisme. Nadat ik de boodschappen had neergezet bij mijn auto en twee passen zijn kant op kwam om verhaal te halen, sprong hij op de fiets en verbeterde de kilometer sprint met vele seconden. Mocht u een geel monstertje tegenkomen op een racistenpagina op Facebook, dan weet u nu waarom ik daar sta. De aangifte van racisme wacht ik af, de slagkracht van onze politie kennende verwacht ik binnenkort huisbezoek.

Algemeen kan ik slechts stellen dat het in onze geïndividualiseerde maatschappij blijkbaar bon ton is en loont om je onaangepast te gedragen. Deze keer was het namelijk een kansenparel, maar asociaal gedrag zie ik dagelijks en is niet voorbehouden aan huidskleur of religie. In dit specifieke geval kwam er nog wel een extra accentje bij, namelijk het racismemotief. Het meest stuitend aan het gedrag van deze kansenparel vond ik echter zijn houding naar vrouwen: hij ziet ze duidelijk als minderwaardige tweederangs burgers. En dat is een normen- en waardenpatroon dat ingesleten zit in de mentale programmering van deze jongeman. Ik betwijfel ernstig of een zo diep ingesleten waarde vanuit opvoeding en cultuur te herprogrammeren is. Een mens is immers geen computer waar je even een nieuw stuurprogramma opzet.

Afsluitend moet ik stellen dat ik me zo langzamerhand zorgen ga maken over de verloedering van onze maatschappij. Ik vraag mij zelfs af of ik hier over enige jaren nog woonachtig wil zijn. Ook durf ik te stellen dat ik als vreedzaam mens met een brede multiculturele vrienden en kennissenkring onderken dat ik het waard vind om op te komen voor de Nederlandse Cultuur. Gek genoeg heb ik het dan over de Nederlandse Cultuur met haar waarden en normen zoals ik die ken uit de jaren tachtig. Op dit moment herken ik mijn eigen landje niet meer. De vraag is of onze politiek tijdig in staat is om de problematiek te onderkennen en structureel aan te pakken? Over het alternatief wil ik liever niet nadenken, maar het is absoluut vijf voor twaalf geweest. De klok tikt gestaag voort.


Meer artikelen in deze categorie:
[catlist categorypage=”yes”]


Watapatja

Auteur: Watapatja

Out of the box omdenker die graag zijn mening ventileert over allerlei onderwerpen met zwaartepunt sociale zekerheid, onderwijs en arbeidsmarkt. Motto; verbaas en verwonder, immers niets is wat het lijkt! Twittert onder de naam @Watapatjee

Eén gedachte over “Het is vijf voor twaalf geweest”

  1. Heb me vermaakt tijdens het lezen, de inhoud baart zorgen, je vraagt je idd af waar het heen gaat zo.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.